Tenniselleboog Oefeningen: isometrisch of excentrisch trainen? Kies de juiste oefenvorm per fase

Bij een tenniselleboog is meestal sprake van een tendinopathie van de polsstrekkers aan de buitenzijde van de elleboog. Het herstel draait vooral om het geleidelijk opbouwen van de belastbaarheid van de pees.

In de beginfase kunnen isometrische oefeningen helpen om pijn te verminderen. Daarna worden excentrische oefeningen ingezet om de pees sterker te maken. In een latere fase wordt de belasting verder opgebouwd met functionele krachttraining, zodat de arm weer normaal belast kan worden.

Een tenniselleboog, in medische termen een epicondylitis lateralis, is een van de meest voorkomende peesklachten van de arm. Ondanks de naam heeft het meestal weinig met tennis te maken. De klachten ontstaan vaker door repetitieve belasting zoals computerwerk, klussen, tillen of knijpen. Wanneer mensen met een tenniselleboog oefeningen gaan doen, ontstaat al snel de vraag: moet je isometrisch trainen of excentrisch trainen?

Beide trainingsvormen worden veel gebruikt binnen de revalidatie van peesklachten. Toch hebben ze een verschillende functie in het herstelproces. Wie te vroeg of te zwaar traint kan de pees juist opnieuw irriteren, terwijl een goed opgebouwd oefenprogramma de belastbaarheid van het peesweefsel effectief kan herstellen.

In deze blog wordt uitgelegd wat er precies gebeurt bij een tenniselleboog, waarom pezen op belasting reageren en welke tenniselleboog oefeningen in welke fase van herstel het meest zinvol is.

illustratie over het onderwerp van de blog. welke oefeningen in welke fase van een tenniselleboog

Bij een tenniselleboog raakt de peesaanhechting van de polsstrekkers aan de buitenzijde van de elleboog overbelast.
De belangrijkste betrokken structuur is de extensor carpi radialis brevis (ECRB).
Door herhaalde belasting ontstaat er vervolgens een verstoring van het peesweefsel.

Door herhaalde belasting ontstaat er een verstoring van het peesweefsel. In tegenstelling tot wat vaak gedacht wordt, is er meestal geen klassieke ontsteking aanwezig. Het gaat meestal om een tendinopathie: een degeneratieve verandering van het peesweefsel waarbij de structuur van het collageen tijdelijk minder georganiseerd raakt.

Typische klachten zijn:

  • pijn aan de buitenzijde van de elleboog
  • pijn bij knijpen of tillen
  • pijn bij polsstrekking
  • vermindering van knijpkracht
  • lokale drukpijn op de epicondyl

Omdat de klachten vaak ontstaan door een verstoring van de belastbaarheid, ligt de kern van herstel meestal niet in rust, maar in het geleidelijk herstellen van de belastbaarheid van de pees.


Peesweefsel heeft een relatief langzame stofwisseling en past zich langzaam aan belasting aan. Wanneer een pees regelmatig mechanische spanning krijgt, stimuleert dit de productie en organisatie van collageenvezels, wat leidt tot een sterkere peesstructuur.

Het type belasting speelt hierbij een belangrijke rol.

Binnen de revalidatie van tendinopathieën worden meestal drie vormen van spiercontractie gebruikt:

  1. Isometrisch – spanning zonder beweging
  2. Concentrisch – spier verkort tijdens contractie
  3. Excentrisch – spier verlengt onder spanning

Voor tenniselleboog zijn vooral isometrische en excentrische oefeningen uitgebreid onderzocht.


Wanneer de pees nog duidelijk gevoelig is, kan directe dynamische belasting te pijnlijk zijn. In deze fase worden vaak isometrische oefeningen ingezet.

Bij isometrische training spant de spier aan terwijl de gewrichtshoek gelijk blijft. Er is dus spanning op de pees zonder dat er beweging plaatsvindt.

Isometrische belasting kan meerdere effecten hebben:

  • tijdelijke pijnreductie
  • verbetering van spieractivatie
  • gecontroleerde belasting van de pees
  • voorbereiding op dynamische belasting

Daarnaast lijkt isometrische training het zenuwstelsel te helpen wennen aan spanning op het pijnlijke gebied.

Isometrische polsstrekking:

  1. Leg de onderarm op tafel
  2. de pols in neutrale positie
  3. Druk met de andere hand tegen de handrug
  4. Houd de spanning 30–45 seconden vast

Herhaal dit 4 tot 5 keer.

Pijn mag licht aanwezig zijn, maar moet onder de 3 op een schaal van 10 blijven.


Wanneer de pijn onder controle komt, kan de belasting geleidelijk worden verhoogd. In deze fase spelen excentrische oefeningen een belangrijke rol.

Bij excentrische training verlengt de spier terwijl deze spanning levert. Dit type belasting veroorzaakt relatief hoge spanning in het peesweefsel, wat een sterke stimulus geeft voor peesadaptatie.

Onderzoek naar verschillende tendinopathieën, waaronder achillespees, patellapees en tenniselleboog, laat zien dat excentrische training kan leiden tot:

  • verbetering van de collageenstructuur
  • afname van pijnklachten
  • toename van peesstijfheid
  • verbetering van functionele belastbaarheid

Hierdoor wordt de pees beter bestand tegen dagelijkse belasting.

Excentrische polsstrekking:

  1. Houd een licht gewicht vast
  2. Til de pols omhoog met behulp van de andere hand
  3. Laat de pols langzaam zakken (3–4 seconden)
  4. Herhaal dit 12–15 keer

Voer 3 sets per dag uit.

Het tempo van de neergaande beweging is belangrijk: hoe langzamer de excentrische fase, hoe groter de belasting op het peesweefsel.


Wanneer de pijn duidelijk vermindert en de pees beter belastbaar wordt, is het belangrijk om de pees weer voor te bereiden op functionele belasting.

In deze fase worden oefeningen toegevoegd zoals:

  • knijpkrachttraining
  • rotatieoefeningen van de onderarm
  • polsstrekking met hogere weerstand
  • functionele grijpoefeningen

Het doel van deze fase is dat de pees weer kan omgaan met:

Zonder deze fase blijft de kans op terugkerende klachten relatief groot.


Een belangrijke vraag bij peesrevalidatie is hoeveel pijn acceptabel is.

Een veelgebruikte richtlijn is de zogenaamde pijnmonitoringregel.

Hierbij geldt:

  • pijn tijdens oefenen maximaal 3 op 10
  • pijn mag binnen 24 uur weer terugkeren naar het uitgangsniveau

Wanneer de pijn duidelijk toeneemt of langer blijft aanhouden, is de belasting waarschijnlijk te hoog.


De meeste tennisellebogen verbeteren binnen 3 tot 6 maanden wanneer de belasting goed wordt opgebouwd.

Blijven klachten langer bestaan, daardoor kan er sprake zijn van:

In dergelijke gevallen kan echografisch onderzoek van de pees helpen om de conditie van het peesweefsel beter in beeld te brengen.

Dit kan inzicht geven in:

  • peesdikte
  • structuurveranderingen
  • aanwezigheid van neovascularisatie
  • eventuele andere afwijkingen

Op basis daarvan kan het behandelplan gerichter worden aangepast.


De vraag of je bij een tenniselleboog beter isometrisch of excentrisch moet trainen heeft geen eenduidig antwoord.

Beide trainingsvormen hebben een duidelijke rol binnen het herstelproces van peesklachten.

Samengevat:

Pijnfase
Isometrische oefeningen → gecontroleerde belasting en pijnreductie

Herstel van peescapaciteit
Excentrische oefeningen → stimulatie van peesadaptatie

Functionele belasting
Krachttraining en functionele oefeningen → terugkeer naar normale activiteiten

Door deze fases zorgvuldig op te bouwen kan de pees zich biologisch aanpassen en weer voldoende belastbaar worden voor werk, sport en dagelijkse activiteiten.

Niet per se. In de vroege fase van een peesblessure kan excentrische belasting te pijnlijk zijn. Daarom wordt vaak eerst gestart met isometrische oefeningen.

De meeste peesprogramma’s adviseren dagelijkse oefeningen, vaak twee tot drie keer per dag afhankelijk van de belastbaarheid van de pees.

Herstel duurt gemiddeld drie tot zes maanden, maar dit hangt sterk af van de duur van de klachten en de belasting van de arm.

Volledige rust helpt meestal niet. Pezen worden sterker door geleidelijke belasting. Wel kan tijdelijke aanpassing van activiteiten nodig zijn.

Wanneer klachten langer dan drie maanden aanhouden of wanneer eerdere behandelingen onvoldoende effect hebben gehad.


Bronnen (APA-stijl)

Cook, J. L., & Purdam, C. R. (2009). Is tendon pathology a continuum? A pathology model to explain the clinical presentation of load-induced tendinopathy. British Journal of Sports Medicine, 43(6), 409–416.

Coombes, B. K., Bisset, L., & Vicenzino, B. (2015). Management of lateral elbow tendinopathy. JAMA, 314(20), 2127–2136.

Rio, E., Kidgell, D., Purdam, C., Gaida, J., Moseley, G., Pearce, A., & Cook, J. (2015). Isometric exercise induces analgesia and reduces inhibition in patellar tendinopathy. British Journal of Sports Medicine, 49(19), 1277–1283.

Stasinopoulos, D., & Johnson, M. I. (2005). Effectiveness of eccentric strengthening exercises for the treatment of lateral elbow tendinopathy. British Journal of Sports Medicine, 39(12), 944–947.

Christian Balkenende
Christian Balkenende

Mijn naam is Christian Balkenende, gespecialiseerd fysiotherapeut met een sterke focus op chronische peesklachten. Mijn grootste interesse ligt in het behandelen van peesproblemen, ondersteund met echografie. Door deze techniek kan ik precies zien wat er speelt in de pees en de behandeling daar nauwkeurig op afstemmen.

Artikelen: 21