Nieuwe richtlijn Hielspoor: wat zijn de belangrijkste aanbevelingen en wat kun je er zelf mee?

De nieuwe richtlijn fasciopathie plantaris maakt duidelijk dat herstel meestal niet begint met een scan of een snelle oplossing, maar met een goede diagnose, duidelijke uitleg en een slim behandelplan. De richtlijn adviseert om terughoudend te zijn met beeldvorming en vooral te starten met educatie, belastingadvies en oefentherapie. Dagelijkse rekoefeningen of opbouwende krachtoefeningen gedurende minimaal 12 weken spelen daarbij een belangrijke rol. Ook schoeisel en zolen moeten meer op maat worden ingezet, in plaats van als standaardoplossing. Voor mensen met hardnekkige klachten kunnen aanvullende behandelingen zoals shockwave soms een plek krijgen, terwijl injecties juist terughoudend moeten worden toegepast. Deze blog vertaalt de nieuwe aanbevelingen naar praktische tips waar je als lezer direct iets aan hebt.

Fasciopathie plantaris, in de volksmond vaak hielspoor genoemd, is in 2026 opnieuw uitgewerkt in een nieuwe richtlijn hielspoor. Die richtlijn is breder dan de oude versie: hij richt zich niet alleen op sporters, maar op de gehele volwassen populatie met pijn onder de hiel. Dat is relevant, want juist bij deze klacht zien we in de praktijk veel ruis, veel verwarring en vaak ook een behandeling die te passief of juist te agressief wordt ingestoken.

nieuwe aanbevelingen uit de richtlijn hielspoor samengevat in deze afbeelding

De kern van de nieuwe richtlijn is eigenlijk verrassend duidelijk. Niet de foto, niet de injectie en niet de “snelle fix” staan centraal, maar een goed klinisch onderzoek, slimme uitleg, gerichte belastingopbouw en consequente oefentherapie.

In deze blog leg ik uit wat de nieuwe aanbevelingen zijn en vooral: wat jij daar in de praktijk echt aan hebt.

Een belangrijk punt uit de nieuwe richtlijn hielspoor is dat fasciopathie plantaris in de meeste gevallen een klinische diagnose is. De combinatie van het klachtenverhaal en gericht lichamelijk onderzoek is vaak voldoende. Typisch is pijn plantair onder de hiel, ter hoogte van de mediale tuberkel van het hielbeen, vaak erger bij de eerste stappen in de ochtend of na rust.

Dat betekent ook dat een echo of MRI niet standaard nodig is. Beeldvorming wordt vooral overwogen als er diagnostische twijfel is, als iemand onvoldoende reageert op de eerder ingezette behandeling of als er een andere diagnose moet worden uitgesloten, zoals een stressfractuur, fat pad-probleem of tarsaal tunnelsyndroom. Als beeldvorming nodig is, is echografie de eerste keuze. De richtlijn adviseert nadrukkelijk om geen röntgenfoto te maken alleen maar om een hielspoor of enthesofyt aan te tonen.

De nieuwe richtlijn hielspoor adviseert om de behandeling te starten met educatie, en dat is meer dan alleen zeggen dat iemand “rust moet nemen”. De patiënt moet uitleg krijgen over de aandoening, de prognose, langdurige pijn en de relatie tussen belasting en klachten. Ook wordt het pain-monitoring model expliciet genoemd. Daarbij mag belasting pijn geven, zolang die reactie gecontroleerd en acceptabel blijft.

Dat is belangrijk, omdat veel mensen met hielpijn in twee valkuilen stappen. Of ze gaan volledig ontzien, waardoor de belastbaarheid verder daalt. Of ze blijven juist forceren, waardoor de irritatie blijft bestaan. De richtlijn kiest dus duidelijk voor load management in plaats van puur rust of puur doorzetten.

Gebruik een pijnschaal van 0 tot 10. Blijf tijdens en na activiteiten idealiter rond maximaal 3 op 10. Gaat de pijn duidelijk verder omhoog of blijft de reactie de volgende dag fors aanwezig, dan was de prikkel te hoog. Dit sluit aan bij het pain-monitoring model uit de richtlijn.

De nieuwe richtlijn hielspoor is hier heel concreet. Patiënten met fasciopathie plantaris/hielspoor krijgen het advies om óf dagelijkse rekoefeningen te doen, óf opbouwende krachtoefeningen om de dag, en dat minimaal 12 weken vol te houden. De keuze tussen rekken en kracht hangt af van voorkeuren, doelen, dagelijkse activiteiten en de kans dat iemand het programma ook echt volhoudt.

Dat is een sterk punt van de richtlijn. Er wordt niet gedaan alsof er maar één magische oefening bestaat. De interventie moet passen bij de patiënt én uitvoerbaar zijn op de lange termijn. Bovendien staat er expliciet in dat pijn tijdens de oefeningen mag optreden en dat de meeste mensen binnen 12 weken wel verbetering mogen verwachten, maar nog niet volledig klachtenvrij zijn.

De nieuwe richtlijn hielspoor geeft de volgende aanbeveling als dagelijkse rekoefeningen gedurende minimaal 12 weken. Een praktische vertaalslag daarvan is om dagelijks enkele minuten vrij te maken, bijvoorbeeld ongeveer 5 minuten per dag verdeeld over meerdere sets. Dat is dus een bruikbare strategie, maar de harde richtlijnboodschap is vooral: wees dagelijks consequent en houd het minimaal 12 weken vol.

Plan je rekoefeningen niet “ergens op de dag”, maar koppel ze aan vaste momenten:
– ’s ochtends na het opstaan
– na lang zitten
– aan het einde van de dag
– na wandelen of sporten

Zo maak je therapietrouw onderdeel van je routine. De nieuwe richtlijn hielspoor benoemt ook expliciet dat motivatie ondersteund kan worden met een dagboek, e-health of begeleiding door een zorgverlener.

De nieuwe richtlijn hielspoor kiest niet voor een zwart-wit advies over schoenen. In plaats daarvan staat er dat het type schoeisel gepersonaliseerd moet worden. Ik vraag gericht uit welk type schoen de klachten vermindert of juist provoceert.

Dat is logisch. Sommige mensen reageren beter op een comfortabelere schoen met meer ondersteuning en een kleine hakverhoging. Anderen ervaren juist verbetering als de voet actiever leert werken. De richtlijn kiest daarom niet voor dogma’s, maar voor individualisering.

Loop niet de hele dag op oude, harde of volledig platte schoenen als je merkt dat dit de hiel prikkelt. Test per situatie welk schoeisel het beste werkt: thuis, op werk en tijdens wandelen zijn vaak drie verschillende belastingcontexten.

De richtlijn heeft ook een aparte module over op maat gemaakte zolen. In de bredere lijn van de richtlijn passen zolen vooral als onderdeel van een conservatief behandelplan, niet als vervanging van educatie en oefentherapie. De hoofdrichting blijft actief behandelen.

Shockwave therapie zit ook als aparte module in de richtlijn. De opbouw van de richtlijn maakt duidelijk dat eerst niet-invasieve conservatieve therapieën centraal staan, waaronder educatie, oefentherapie en zo nodig zolen. Daarna kun je verder kijken naar aanvullende opties zoals shockwave.

Voor mensen met langer bestaande of hardnekkige klachten kan dat dus een relevante vervolgstap zijn, maar niet als eerste reflex bij iedere ochtendstijfheid onder de hiel.

De nieuwe richtlijn is hier vrij duidelijk over. Lokale corticosteroïd-injecties moeten terughoudend worden toegepast. Ze kunnen op korte termijn mogelijk pijn verminderen, maar het effect op functie is onzeker en op de lange termijn is het effect onduidelijk. Daarnaast zijn er risico’s, zoals ruptuur van de fascia plantaris, infectie en huid- of vetatrofie. Als er toch geïnjecteerd wordt, adviseert de richtlijn dit alleen in combinatie met krachtoefeningen en bij voorkeur echogeleid.

Voor de praktijk betekent dat: een injectie is geen first-line interventie en zeker geen vervanging van een actief hersteltraject.

Als je de nieuwe richtlijn terugbrengt tot de essentie, dan is dit de kern:

Eerst een goede diagnose.
Niet standaard scannen.
Starten met uitleg, belastingsturing en een actief plan.
Dagelijks rekken of om de dag kracht opbouwen.
Dat minimaal 12 weken volhouden.
Schoenen en zolen alleen inzetten als onderdeel van maatwerk.
Injecties terughoudend gebruiken.

Dat is misschien minder spectaculair dan een “wonderbehandeling”, maar wel precies de reden waarom deze richtlijn klinisch sterk is. Herstel bij fasciopathie plantaris vraagt meestal geen trucje, maar een goed gedoseerd traject.

Bij PeesExpert Chris sluit de aanpak nauw aan op de nieuwe richtlijn voor fasciopathie plantaris. Dat betekent dat er niet alleen gekeken wordt naar de plek van de pijn, maar vooral naar het totale klachtenbeeld, de belastbaarheid van de voet en de factoren die het herstel in stand houden of juist afremmen. De richtlijn benadrukt dat een goede diagnose meestal klinisch gesteld kan worden, met gerichte anamnese en lichamelijk onderzoek. Dat is precies hoe ik werk: eerst duidelijk in kaart brengen waar de klachten vandaan komen en welke structuren echt betrokken zijn.

Ook de vervolgstappen passen bij deze richtlijn. De behandeling start niet met een passieve oplossing, maar met uitleg, een duidelijk belastingsadvies en een praktisch plan waarmee je zelf grip krijgt op je herstel. Waar nodig zet ik echografie in om de diagnose te ondersteunen of andere oorzaken van hielpijn uit te sluiten. Dat past bij de richtlijn, waarin echografie wordt gezien als beeldvorming van eerste keuze bij twijfel of bij onvoldoende herstel.

Daarnaast werk ik bij fasciopathie plantaris altijd met een opbouwplan dat gericht is op herstel van belastbaarheid. Dat betekent in de praktijk: uitleg over wat er aan de hand is, advies over belasting en schoeisel, en een gericht oefenprogramma met rek- of krachtoefeningen over meerdere weken. Juist die combinatie wordt in de nieuwe richtlijn als essentieel gezien.

Wanneer klachten al langer bestaan of onvoldoende verbeteren, kijk ik verder naar aanvullende behandelopties zoals EPTE. Ook dat sluit aan op de lijn van de richtlijn: eerst de basis goed neerzetten, en daarna pas aanvullende interventies overwegen als daar een duidelijke indicatie voor is.

Zo krijg je bij PeesExpert Chris dus geen standaardprotocol, maar een aanpak die inhoudelijk aansluit op de nieuwste richtlijn én praktisch wordt vertaald naar jouw situatie.

De nieuwe richtlijn voor fasciopathie plantaris maakt één ding heel duidelijk: wie duurzaam wil herstellen, moet af van het idee dat hielpijn alleen met rust, een scan of een injectie opgelost wordt. De hoogste therapeutische relevantie ligt bij goede educatie, slim load management en consequente oefentherapie over een langere periode.

Voor veel mensen is de beste start dus verrassend praktisch: elke dag gericht aan de slag, klachten monitoren, belasting slim opbouwen en niet te snel switchen van interventie.


1. Is een echo nodig bij hielspoor of fasciopathie plantaris?
Niet standaard. De richtlijn geeft aan dat de diagnose meestal klinisch gesteld kan worden. Een echo is vooral zinvol bij diagnostische twijfel of als herstel uitblijft. Echografie is dan de eerste keuze.

2. Hoe lang moet ik oefenen bij fasciopathie plantaris?
De richtlijn adviseert minimaal 12 weken dagelijkse rekoefeningen of om de dag opbouwende krachtoefeningen. Binnen die periode mag je wel verbetering verwachten, maar vaak ben je nog niet volledig klachtenvrij.

3. Mag rekken of krachttraining pijn doen?
Ja, dat kan. De richtlijn benoemt dat pijn tijdens oefeningen mag voorkomen en koppelt belastingadvies aan het pain-monitoring model. De belasting moet wel gecontroleerd blijven.

4. Zijn injecties een goede oplossing?
Alleen met terughoudendheid. Een corticosteroïdinjectie kan op korte termijn pijn verminderen, maar het lange termijneffect is onduidelijk en er zijn risico’s. Als het toch wordt gedaan, dan bij voorkeur echogeleid en in combinatie met krachtoefeningen.

5. Wat is beter: rekken of krachttraining?
De richtlijn kiest niet voor één universele winnaar. Beide zijn verdedigbare opties. De keuze moet afhangen van jouw voorkeur, doelen, dagelijkse activiteiten en kans op therapietrouw.

6. Helpt rust het beste?
Niet als enige strategie. De richtlijn stuurt juist op actief blijven binnen gecontroleerde grenzen, met belastingadvies volgens het pain-monitoring model.


Nederlandse Richtlijnendatabase. Fasciopathie Plantaris. Publicatiedatum 17-02-2026.

Digiovanni BF, Nawoczenski DA, Malay DP, Graci PA, Williams TT, Wilding GE, Baumhauer JF. Plantar fascia-specific stretching exercise improves outcomes in patients with chronic plantar fasciitis. J Bone Joint Surg Am. 2006;88(8):1775-1781.

Hyland MR, Webber-Gaffney A, Cohen L, Lichtman PT. Randomized controlled trial of calcaneal taping, sham taping, and plantar fascia stretching for the short-term management of plantar heel pain. J Orthop Sports Phys Ther. 2006;36(6):364-371.

Radford JA, Landorf KB, Buchbinder R, Cook C. Effectiveness of calf muscle stretching for the short-term treatment of plantar heel pain: a randomised trial. BMC Musculoskelet Disord. 2007;8:36.

Morrissey D, Cotchett M, Said J’Bari A, et al. Management of plantar heel pain: A best practice guide informed by a systematic review, expert clinical reasoning and patient values. Br J Sports Med. 2021;55(19):1106-1118.

Koc TA Jr, Bise CG, Neville C, Carreira D, Martin RL, McDonough CM. Heel Pain – Plantar Fasciitis: Revision 2023. J Orthop Sports Phys Ther. 2023;53(12):CPG1-CPG39.

Christian Balkenende

Christian Balkenende

Mijn naam is Christian Balkenende, gespecialiseerd fysiotherapeut met een sterke focus op chronische peesklachten. Mijn grootste interesse ligt in het behandelen van peesproblemen, ondersteund met echografie. Door deze techniek kan ik precies zien wat er speelt in de pees en de behandeling daar nauwkeurig op afstemmen.

Artikelen: 29